Schrijf u vandaag nog in voor onze gratis nieuwsbrief met elke week een nieuw thema!
E-mail Catherine.nl en wellicht wordt ook úw vraag, suggestie of inzending op Catherine.nl geplaatst!
Krapoeren, fratzelen en ander gezwadder

Taal is een wonderlijk iets. Het is voortdurend aan allerlei veranderingen onderhevig en voor je het weet is een woord dat je altijd zonder er bij na te denken bezigde hopeloos verouderd. Ik ben nogal van de 'oude stempel' en houd erg van woorden als 'larderen', 'laakbaar' en uitdrukkingen als 'zijn hand op de mijne' en 'welk een genot'.
Al schrijvend aan mijn roman, gooi ik af en toe de spellingcontrole over de zojuist getypte pagina's en bevind mij dan onmiddellijk midden in een conflict. Mijn computer beticht mij van ouderwets taalgebruik of, soms ook wel, Vlaams taalgebruik en dan weer van populair taalgebruik. Ik druk steevast op de toets 'negeren'. Ja, kom nou zeg!
Maar taal overvalt me ook met enige regelmaat. Vanmorgen was het weer zover. Loop ik te wandelen met de hond, op een heel erg glibberig paadje, denk ik opeens: Prekelsnoever. Pardon? Hoe bedoelt u? Wat in hemelsnaam is een prekelsnoever? Ik moet het u eerlijk bekennen, ik weet het zelf ook niet. Of wat dacht u van het werkwoord ‘barkrukken’? Ik rukte bark, jij rukte bark, wij hebben bark gerukt. Ik weet niet hoe het met u is, maar ik krijg er een beeld bij van stoere tattoo-mannen met bezwete wasborden en Popeye-armen die in de weer zijn met hout, teer en scheepskettingen. Verder heb ik ook geen idee. Maar het blijft schrikken als tijdens het tandenpoetsen even een blik in de spiegel werpt en het woord ‘tandensmortel’ door je hoofd schiet. Het klinkt alsof je acuut een afspraak met de mondhygiëniste moet maken.
De andere kant is dat je woorden kunt bedenken die niet bestaan, maar die toch iets uitdrukken. 'Zit niet zo te fratzelen!' 'Ik ben echt helemaal van de krapoere!' 'Mán, wat ben je weer aan het luimelen!' 'God, wat ben je toch altijd storrig!'
Nou ja, en nog meer van dit soort gezwadder.
Ik heb een zwager die meester is in het verzinnen van dit soort woorden. Hij verzint ze ter plekke en verdomd, je begrijpt precies wat hij bedoelt! Zelf kijkt hij erbij alsof het de normaalste zaak van de wereld is. Hij lijkt oprecht verbaast als je zegt dat het woord niet bestaat.
Schrijvers zijn natuurlijk bij uitstek degenen die kunnen en mogen spelen met taal en dat ook doen. Een heerlijk voorbeeld is Heeresma, die mij het woord 'jeitserig' leerde. Het was meen ik in een verhaal waarin een vrouw kippeneieren tussen haar benen warm houdt om ze uit te laten komen. Ze werd daar wel een beetje jeitserig van. Het hangt aan tegen 'geil', maar het is het niet en dat is het mooie van dat woord. Het hangt tussen opgewonden en geil in en door de klank van het woord begrijp je meteen wat er mee wordt bedoeld.
Fantasy-schrijvers kunnen er ook wat van. Harry Potter, waarvan ik nu alle delen heb voorgelezen aan mijn zoon, barst van de verzonnen woorden en die zijn prachtig vertaald. Een woord als 'verschijnselen' (je van de ene naar de andere ruimte kunnen begeven in een ‘split second’) vind ik zó mooi!
In families ontstaan ook vaak woorden of uitdrukkingen die elders niet gekend en gebezigd worden. In de onze zijn er een paar die vrijwel iedereen kent:
'Alleboel bedorven en ik hoef ook geen yoghurt meer!' - als iemand zich onheus bejegend voelt
'Raffelen' - in jezelf zitten kletsen terwijl je naar een bewegend voorwerp staart
'Hildebrandje kán niet meer! Húps!' - wanneer je doodmoe bent
'Ga es een stoel om!' - ga eens opzij!
'Al heb je het ook gedaan, dan krijg je nóg de schuld - onterecht de schuld van iets krijgen
'Stikcake' - gortdroge cake
En zo kan ik nog wel even door proegelen maar het is zolangzamerhand tijd om weer eens de pen te kruinen en het hoofd in de bocht te zetten, want de dag is maar zo naar de zwalewietsen!
Bron afbeelding: Astrid Rijff

Geweldig! Mijn oma had ook altijd een standaard-antwoord op de vraag wat we die dag aten: "Siepelsap met ramschudden", een uitdrukking die ik er nu ook af en toe tussendoor gooi.
